Login Form

Puzzel van de dag

Overmoed
 
 

Een mooi definitie van overmoed vind ik: "grote durf omdat je je heel sterk voelt". Het is een staat van zijn die je als schaaksimultaan gever koste wat kost moet zien te vermijden. Vorige week maandag lukte me dat niet. Natuurlijk is het spannend om met vijftien clubschakers gelijktijdig de strijd aan te binden, maar het is vooral eervol en egostrelend om losjes langs de borden te paraderen waar iedereen zich rot te peinzen en zelf de ene na de andere krachtzet te produceren. Heerlijk dat gevoel van macht! Wie wordt dan niet overmoedig?

Om te beginnen permitteerde ik me om zowel 1.e4, als 1.d4, als 1.c4  te spelen en maar liefst vier keer het koningsgambiet op het bord te brengen. In zo'n opening valt er wel eens per ongeluk een stuk af, hetgeen in mijn partij tegen Jorit Delen leidde tot een snelle nul voor mij. Dat had een alarm bij me moeten doen afgaan, maar eerlijk gezegd leidde dat alleen maar tot nog meer overmoed: ik moest gewoon meer partijen winnen! Rond tien uur waren bijna alle partijen nog in volle gang. De tegenstand was bijzonder taai en ik voelde dat ik wat vermoeid raakte. Mijn partij tegen Nick die er veelbelovend uitzag, moest ik na een fout kiepen tot remise. Tegen Johan Onnink was er na 30 zetten nog geen stuk geslagen. Dieuwe Bosch speelde mijn koningsgambiet zeer goed tegen en ik mocht blij zijn nog een ongeveer gelijke stelling te hebben. Vincent speelde mijn eigen aanbeveling in de Pirc en bleef me maar bezig houden met kleine maar heel vervelende zetjes. Er moest iets gebeuren, maar wat?
 
Tegen Freek had ik een mooie stelling opgebouwd, maar als ik Pf6-d7 toelaat is veld e5 voor eeuwig in handen van zwart.
 

 
ik vond hier na enig denken iets sterks. Na 20.Le5! de5 21. d6! ed6 22. Dd6 Pe8 23.Dc7 Pc7 24.Ta5 stond ik schitterend. Als ik het nu gewoon na 24....Pe6 25.Pb6 Tb8 simpel had gehouden door met 26.Pc8 Tfc8 27.b3 de pion op a6 op te gaan eten, zou ik prima winstkansen hebben gehad. Om het sneller uit te maken speelde ik echter 26.Pcd5? Freek zou Freek niet zijn als hij net op tijd allerlei tegenkansjes creëerde met: 26...Pf4! Na 27.Lc4 Pd5 28.Pd5 Tb2 29.Tc5 Lb7 30.Pe7 Kh7 31.Ld5 Ld5 32.Pd5 a5 had ik te weinig voordeel om de partij te winnen.
 
Tegen onze nieuwe topspeler Peter van Wijk werd mijn (over)moed beloond. In een scherpe draak ontstond na 16 zetten deze stelling. Peter had zojuist mijn 16.g4 beantwoord met 16...b5 omdat hij 16....hg4 17.h5 niet aandurfde.
 

 
Ik vond hier het sterke 17.e5! waarna Peter zich genoodzaakt zag een stuk te offeren omdat 17...de5 18.g5 de loper op d7 kost. Na 17...Pg4 18.fg4 Lg4 19.Tde1 Le5 20.Ld4 had hij echter te weinig spel voor het stuk. Er volgde nog 20....Tfc8 21.Le5 de5 22.Pd5! Td8 23.Pe7 Kf8 24.Dg5 Le6 25.Thf1 Tf4 26.Tf4 en zwart gaf het vanwege 26...ef4 27.Pc6 op.
 
Dat voedde mijn overmoed weer een beetje en tegen Geard Vernooij had ik na een zeer ingewikkelde Grünfeld een kansrijk eindspel op het bord gebracht.
 

 
Ik heb zojuist 26.Tc6 gespeeld en liep iets lichter mijn rondje langs de borden. Bij terugkeer produceerde Gerard hier het ontnuchterende 26...Tc8! Dat viel tegen. Slaan op b6 verliest maar liefst 2 stukken na Tc8-c1+.  Ik vond dat ik na 27.Pf6 Lf6 28.Tc8 Pc8 29.gf6 Pb6 niet beter stond met mijn slechte loper en miste de simpele verbetering van hetzelfde idee die een winststelling zou hebben opgeleverd: 27.d5! ed5 28.Pf6 Lf6 29.Tc8 Pc8 30.gf6 Kf7 31.Lc5 met volledige dominantie over het arme paard op c8. Ik speelde echter: 27.Tc8? Pc8 28.Pc5 Lf8?! (28...Kf7 is beter) 29.Pe6 Pb6 30.Pc7? (30.Kf1! zal waarschijnlijk wel winnen) a4 31.d5 b3 32.ab3 ab3 33.Ld4?? en terwijl ik weg liep van het bord bedacht ik "shit, 33...Lc5 wint voor zwart". Ik vergat hierbij dat je als simultaanspeler een zet mag terugnemen zo lang je je rondje niet hebt voltooid! Als ik me dat had gerealiseerd had ik met 33.Pb5 (ipv 33.Ld4) de balans kunnen houden: 33...Pd5 (33...Lb4 34.Ld4) 34.Ld4 en dan snel met de koning naar de b-pion. Bij terugkomst speelde Gerard inderdaad 33...Lc5! en gaf ik direct op.
 
Tenslotte mijn partij tegen Rik. In een soort wederzijdse zetdwangstelling besloot ik maar een pion te offeren om wat ruimte te creeeren, maar Rik behield de superieure stelling totdat ik met 29.Ta5 zijn pion op e5 aanviel. Als Rik hier gewoon één van de twee pionnen (b2 of d3) had gepakt, zou hij veel beter staan. Hij heeft echter zojuist  het rampzalige 29...f6?? gespeeld.
 

 
De goede simultaan speler neemt even de tijd en  rekent nu twee varianten goed uit:
1. 30.Ld5 Pd5 31.Td5 Tb8 32.c7 en 33.Td8 met winst
2. 30.Td5 Tb8 31.Td7 Tc8 32.Te7 met winstkansen.
De overmoedige simultaanspeler ziet variant 1 tot de zet 31.Td5 waarna hij het flashy 30.Td5? ontdekt en direct speelt. De winstkansen van variant 2 waren veel dunner dan ik dacht en toen er niemand meer om ons heen speelde besloten we tot remise.
 
In de hierop volgende half slapeloze nacht achtervolgden bovenstaande partijstellingen me. Het is niet gezond zo'n simultaan, maar het is ook een lesje in nederigheid. Dank daarvoor.

Alle uitslagen op een rijtje:
Winst was er voor: Gerard Vernooij en Jorit Delen
Remise speelden: Nick Hill, Freek Busstra, Rik Vos en Vincent Verstege
En verloren werd door: Kees Maas, Jan van Delden, Joop Jentink, Peter van Wijk, Reimer Weitz, Boas Rill, Dieuwe Bosch, Piet van Dam, Johan Onnink, Co Veenbrink

Einduitslag: 12-4 voor simultaangever Gerard.
 

 
Gerard Rill