Rode Loper er vandoor met krappe winst

Halverwege maart en alweer de een na laatste rond in Hoofdklasse D; op het programma de Rode Loper uit Utrecht. Zijn staan 2e, wij staan onderaan de middenmoot. We zitten in een rare poule, waar Woerden met kop en schouders boven iedereen uitsteekt, Zeist het moeilijk heeft, en er verder een heel breed middenveld is. Er degraderen 2 ploegen, en wij zouden ons moeten kunnen handhaven.

 

Bij de opstelling meteen al een verrassing: sterspeler Coen Stehouwer zat op bord 2 ipv bord 1. Peter kwam op bord 1 in een soort Catalaans waarin hij veel ruimte in het centrum pakte, maar die pionnen bleken later zwak te zijn. Tot een paar zetten voor het einde volgens de engine nog gelijk, maar met weinig tijd op de klok ging ik ten onder aan de zwakte op de witte velden. Datzelfde gold voor Johan op bord 2. Hij speelde de opening wat tam en verzwakte zijn witte velden, en zijn tegenstander maakte daar meteen krachtig gebruik van. Johan spartelde nog lang, maar was kansloos.

Freek had zijn gebruikelijke rommelpartij. Niet sterk uit de opening, maar praktische kansen in zijn voordeel. Luuk daarentegen kwam vanuit de opening al lekker te staan met veel initiatief voor een pion wat hij goed afmaakte. De topborden scoorden daarbij dus 2 – 2.

 

Vincent had op bord 5 een lekkere stelling maar wist er niet doorheen te komen: remise. In tegenstelling tot Jan op bord 6. Hij speelde wederom tegen Rene, die als spion ook lid is bij ons, en wist hem weer te verschalken net als een week eerder in de interne competitie. Joost had het moeilijk op bord 7; zijn tegenstander koos in de opening  voor een agressieve zijvariant. Van een afstandje zag het er behoorlijk uit, maar bij inzoomen was het niet te houden.

 

Tenslotte Pieter op bord 8. Een topper die op het allerlaatst kon invallen, en dan ook nog mooi wat aanlevert voor het verslag (ja, daar mogen de anderen zich wat van aantrekken…).

Voor Pieter kwam er met wit een Benko, ook wel Wolga, gambiet op het bord. In het begin kwam ik goed te staan, maar kon geen goede oplossing voor het paard op b1 vinden, en deed een paar mindere zetten. Na 18.Pxd4 ontstond de volgende stelling:

 

 

Zwart staat hier gewoon een stuk beter, en kan dat vasthouden met 18... cxd4. Echter, kreeg ik een kans van zwart na de zet 18 ... Pe5?. Na 19.Pc6! Pxd3 speelde ik het afgrijselijke 20. Pxd8? waarbij wit van een beslissend voordeel naar het omgekeerde resultaat gaat. In plaats daarvan was 20. Dd2! (of Dd1!) sterk geweest en met twee stukken voor de toren was het moeilijk spelen geweest voor zwart. Na wits 20ste zet liep het niet goed af, met verlies tot gevolg.

 

Hierdoor werd de eindstand 3,5 – 4,5 in het voordeel van de Rode Loper. We waren dus best dichtbij een extra matchpunt om ons te handhaven. Nu is het uur van de waarheid op vrijdag 8 mei in de slotronde tegen Zeist.

 

Peter